Mandje
Een gemakkelijk groeiende struik, die tot 5 m hoog kan worden en goed is te snoeien tot 2,5 m. In mei en juni bloeit de struik met witte, hangende bloemtrossen, gevolgd door de grappige
vruchten. De vrijwel ronde doosvruchten zijn vliezig, sterk opgeblazen, 2½ tot 4 cm groot en bevatten veel zaden. Ze zijn 2 tot 3-lobbig, bij rijpheid geelbruin en springen niet open. Zet ze op een zonnige tot licht beschaduwde plaats. De zaden zijn eetbaar.
Benamingen:
Latijns: Staphylea pinnata
Nederlands: Geveerde Pimpernoot of Rozenkransstruik
Ook wel: Paternosterbollekesboom / Klootzakkenboom
Engels: Bladdernut
Zaaimethode:
.
Zaai- / planttijd:
Oogsttijd:
Grondtype:
Kweeklocatie:
Standplaats: